Monday, February 13, 2006

Column

De Amerikanist

Babel oktober 2005

Amerikanistiek is een kleine, maar groeiende studie die is ondergebracht bij geschiedenis. Je komt er figuren van allerlei pluimage tegen: studenten Engels, Politicologie, Film- en Televisiewetenschappen, Internationale Betrekkingen en een hele zwik internationale studenten vormen slechts een greep uit de studenten die een kijkje komen nemen bij Amerikanistiek. Vanwege deze veelzijdigheid kun je de Amerikanist niet als één bepaald studententype neerzetten. Toch hebben alle studenten Amerikanistiek, naast hun gezamenlijke interesse voor Amerika, zeker één ding gemeen: de manier waarop ze door anderen worden gezien. Want als je het hebt over Amerika, heb je het over emoties. Sinds de oorlog in Irak heeft de toch al dalende populariteit van Amerika een dieptepunt bereikt en dat is te merken. Als student Amerikanistiek wordt je meestal meteen als handlanger van Bush en z’n kornuiten gezien. Zodra mensen ontdekken dat je in het dagelijks leven je tijd wijdt aan Amerika wordt er met een hoge mate van voorspelbaarheid een spervuur van vragen op je afgevuurd. De top drie: Vraag één is steevast: ‘Waarom Amerika, dat is toch een stom land waar niks aan te bestuderen valt?’ (Dit lijken drie vragen in één, maar de kernvraag is natuurlijk waarom je Amerika zou willen bestuderen. De rest is subjectieve toevoeging). Vraag twee wordt dan: ‘Ben je dan heel erg… pro Amerika/ pro Bush?’ (In het ergste geval wordt het woord ‘Amerikafan’ gebruikt). Wanneer je dan aangeeft dat Amerikanistiek ook een wetenschappelijke studie is, wordt erover gegaan op vraag drie: ‘Maar wat vind jij dan van de oorlog in Irak? Dat was toch nergens voor nodig’, etc. En alsof dat nog niet genoeg is heb je als student Amerikanistiek ook nog eens te kampen met het gezicht van de Amerikanist. In Nederland is dat gezicht heel duidelijk. De student Amerikanistiek wordt toch altijd een beetje gezien als ‘de nieuwe Maarten van Rossem’. De Amerikanist wordt bijna altijd gedwongen om in te gaan op dergelijke vragen en komt er vaak niet eens meer aan toe om te vertellen wat ie nu eigenlijk doet als student Amerikanistiek. De waarheid is dat er meer onderwerpen zijn dan Irak of McDonalds, en gelukkig ook meer banen dan alleen die van Maarten van Rossem. Alles wat ook maar op de een of andere manier te maken heeft met Amerika kan een studieobject worden. Van Starbucks tot Sesamstraat, van hiphop tot de reactie van Nederlanders op de Amsterdamse student Amerikanistiek, het kan allemaal.

0 Comments:

Post a Comment

<< Home